dinsdag 30 december 2025

Ganymedes 1 - een terugblik


De Ganymedes-reeks ontstond in 1976, in een tijd waarin Nederlandstalige sciencefiction nog geen vanzelfsprekend podium had. Het eerste deel verscheen als Bruna SF-jaarboek en wilde vooral laten zien dát het genre hier bestond, dat er auteurs waren die speculeerden en vervreemdden, zij het vaak voorzichtig. Ganymedes bood een verzamelplaats: geen manifest, geen stroming, maar een staalkaart. De vroege bundels tonen schrijvers die experimenteren binnen smalle marges, met korte verhalen die hun ideeën eerder aanduiden dan uitwerken, en die zelden de lezer bij de keel grijpen. De nadruk ligt op het concept, de gedachteoefening, het kleine morele haakje.

Die terughoudendheid is begrijpelijk. De Nederlandstalige fantastische literatuur van de jaren zeventig stond nog in de schaduw van Angelsaksische voorbeelden en van een literaire cultuur die wantrouwig stond tegenover genre. Veel verhalen uit Ganymedes 1 zijn beheerst, soms bijna bescheiden, en zoeken hun kracht in ironie, psychologische frictie of een enkel vervreemdend detail. Het einde komt vaak vroeg, net wanneer de consequenties interessant worden.

Wie deze bundel leest naast recente Ganymedes-delen of hedendaagse bundels als EdgeZero, ziet hoe sterk het veld is verschoven. Moderne verhalen zijn minder voorzichtig. Ze zijn explicieter politiek, lichamelijker, donkerder van toon. Wereldbouw is geen bijzaak meer maar een dragend element; technologie en systeemdenken worden concreet uitgewerkt. Waar de vroege Ganymedes-verhalen vragen stellen en vervolgens zwijgen, trekken moderne auteurs de lijn door en tonen wat breekt, ontspoort of verloren gaat.

Toch is de verwantschap onmiskenbaar. De argwaan tegenover vooruitgang, de fascinatie voor macht en vervreemding, en de focus op menselijke tekortkomingen lopen als een dunne draad door de hele reeks. Ganymedes 1 leest vandaag niet als een verouderd curiosum, maar als een beginpunt: een moment waarop het genre nog zijn stem zocht. Juist in die voorzichtigheid ligt zijn historische waarde.

De top 10 verhalen die me bijbleven:

Eddy C. Bertin – Ik adem je bloed in
Beklemmend en lichamelijk, met een ongebruikelijke intensiteit voor zijn tijd. Horror sluipt hier echt binnen en ondergraaft het veilige idee-verhaal.

Bob van Laerhoven – Jager
Strak en moreel ongemakkelijk. Macht en drang worden niet verklaard maar getoond. Een verhaal dat zijn scherpte bewaart door zijn terughoudendheid.

Simon Rietveld – Rafflesia
Vreemd, licht grotesk en conceptueel sterk. Het idee overheerst, maar blijft hangen door de zorgvuldige dosering van vervreemding.

Lucas Vastenhout – Meesterschap
Psychologische SF met een scherpe hiërarchie-analyse. Minder afgerond dan moderne verhalen, maar inhoudelijk verrassend hard voor 1976.

H.J. Zoethout – De regengod
Mythisch en sociaal tegelijk. De botsing tussen geloof, ritueel en menselijke behoefte wordt sober en effectief neergezet.

Hans Kemming – Een paar kilo U-253
Klassieke idee-SF, helder en functioneel. De uitwerking is beperkt, maar het centrale concept is sterk en goed geplaatst.

Wim Burkunk – Moordgriet
Volks en duister, met een bijna sprookjesachtige wreedheid. Onbehouwen, maar daardoor juist interessant binnen deze bundel.

Bob van Laerhoven – Liefde
Klein en ironisch. Minder urgent dan Jager, maar thematisch scherp in zijn ontleding van emotie als construct.

Christien Reedijk – Kleur
Abstract en suggestief. Het verhaal leunt zwaar op symboliek, maar weet binnen zijn beperkte ruimte een duidelijke spanning op te roepen.

Wim Burkunk – Normaal
Subtiele maatschappijkritiek via het alledaagse. Het blijft braaf, maar toont goed hoe normaliteit als dwangmiddel functioneert.

Met Ganymedes 1 eindigt deze herlezing in nieuwsgierigheid. De bundel is onmiskenbaar een product van zijn tijd, met zijn voorzichtigheid, zijn idee-gedreven verhalen en zijn soms abrupte stiltes, maar juist daarin toont zich een beginpunt. Hier wordt gezocht, afgetast en geprobeerd. Niet alles houdt stand, maar genoeg blijft overeind om te laten zien dat de Nederlandstalige fantastische literatuur al vroeg meer wilde dan escapisme. 

Deze bundel smaakt naar meer omdat hij vragen openlaat. Daarom zullen ook de volgende Ganymedes-delen aan bod komen (dat wordt even spitten in bieb en bij antiquariaten, geen straf). In die opeenvolging ligt de echte belofte: de mogelijkheid om later terug te kijken en in een essay te onderzoeken hoe stijl, thematiek en durf zich hebben verplaatst, verdiept en verhard. Ganymedes vraagt om die lange blik.

Petra Swaelmans
Horror recensente en Wednesday look-alike

zaterdag 6 december 2025

Water verpakken - Hervé Suys


Water verpakken
laat zich lezen als een speels maar scherpzinnig mozaïek van microficties waarin de pointe vaak pas in de slotzin openklapt. De bundel beweegt lichtvoetig tussen absurdisme, melancholie en maatschappijkritiek, en verkent zowel het alledaagse als het fantastische zonder zich aan één register te binden. Terugkerende mini-cycli, Platero, Volg de gids, Justin Case, creëren een ritme dat de lezer houvast geeft binnen de overvloed aan korte vormen. Suys’ stijl is kaal, precies en ongekunsteld; hij vertrouwt op observatie, timing en onderkoeld humoristisch fatalisme. Tegelijk schuilt in vele stukken een subtiele existentiële onderstroom: verlies, vergankelijkheid, miscommunicatie, en de hardnekkige menselijke neiging tot zelfbedrog. Het boek werkt het best wanneer het verrast, ontroert of ongemerkt een spiegel opheft. Als geheel is het een veelzijdige, lichte maar intelligente collectie die uitnodigt om in kleine doseringen te savoureren.

Aangezien het een beetje ondoenlijk is om ruim 80 verhaaltjes te beoordelen, waarvan er sommige korter zijn dan mijn gemiddeld commentaar, neem ik mijn top 10 en geef die hier weer.

Planeet B

Een speelse maar ambitieuze vertelling die wetenschap, klimaatangst en menselijke overmoed vervlecht. De opbouw groeit van intiem naar kosmisch, met een finale die het hele concept omdraait.

Trovianado

Een inventief absurdistisch verhaal over parallelle universa en een mislukte klimaatoplossing. De vertelstem is geestig, zelfbewust en donker, met een indrukwekkende structurele vondst.

Kleur bekennen

Een subtiel psychologisch portret met tragikomische accenten. Strak gecomponeerd, scherp in observatie, met een slot dat tegelijk luchtig en confronterend werkt.

Het nieuwste moment van de waarheid

Meta, licht en toch ontroerend. Een verhaal over verliefdheid en sociale onzekerheid dat zich elegant in zijn eigen vorm terugvouwt.

De antiekshow

Een geraffineerde miniatuur over ijdelheid en vergankelijkheid. Zuinig geschreven en trefzeker, met een pointe die de volledige scène van nieuwe betekenis voorziet.

Liefste Eva

Een kort maar intens liefdesdrama met een wrange draai. De structuur is helder en de laatste regels geven het geheel een onverwachte emotionele verdieping.

Kiek

Een charmante historische knipoog waarin een ogenschijnlijk banale foto-ervaring uitmondt in een wetenschappelijke anekdote. Lichtvoetig, precies getimed en elegant.

De brief van ons ma

Een krachtig ecologisch statement in de stem van Moeder Aarde. De metafoor is helder en de emotionele ondertoon overtuigend zonder retorische zwaarte.

Bloedbad

Donker en compact, met een titel die doelbewust misleidt. De combinatie van spanning en droge humor werkt bijzonder effectief.

Pop

Een droogkomische miniatuur die speelt met verwachting en ongemak. De onderkoelde toon contrasteert fraai met de bevreemdende situatie en maakt het verhaal opvallend vermakelijk.

Als bundel laat Water verpakken vooral zien hoezeer Suys vertrouwt op de kracht van de pointe, soms ten koste van de diepgang. Zijn microficties flitsen voorbij: licht, vindingrijk, vaak geestig, maar geregeld ook vluchtig. Wanneer hij het ironische masker even afzet, zoals in Kleur bekennen of Planeet B, blijkt dat er wél een schrijver schuilgaat die naar iets groters reikt. Helaas kiest hij vaker voor het veilige spel van de kwinkslag dan voor de risico’s van echte emotionele resonantie. De vele reeksen, Platero, Volg de gids, Justin Case, geven de bundel ritme, maar creëren tegelijk de indruk van een formule die iets te gretig herhaald wordt. Daardoor verliest de verzameling gaandeweg spanning: je voelt wanneer het slotakkoord eraan komt, nog voordat het klinkt. Toch valt de trefzekerheid van zijn taalgebruik niet te ontkennen, net zomin als de charme van zijn luchtige absurdisme. In kleine doseringen werkt deze bundel het best: als een zak verse pralines waarvan je er liever één per dag eet dan tien in één keer. Suys toont een scherp oog voor het menselijke tekort, maar blijft nét iets te vaak toekijken vanaf veilige afstand.

Petra Swaelmans
Horror recensente en Wednesday lookalike

zondag 16 november 2025

Onwereldse Sprookjes


Onwereldse Sprookjes
is zo’n bundel die je niet simpelweg openslaat, maar waar je voor moet gaan zitten alsof je een oud sprookjesboek op zolder hebt gevonden. Fysiek voelt het als een uitgave die zichzelf al generaties lang had willen voordoen als “het grote boek waarin alles staat”: groot formaat, royale marges, een ruime bladspiegel, en een dikte die zowel uitnodigt als waarschuwt: pas op wat je wenst, ik zit vol werelden.

Het aantal verhalen is ronduit exuberant. Meer dan zestig vertellingen, variërend van miniatuursprookjes tot ambitieus mythische epen, maken van deze bundel geen bloemlezing maar een caleidoscoop. Elke paar pagina’s beland je weer in een andere verteltraditie, een andere stem, een andere mentaliteit. De schakeling is soms onstuimig, maar precies daardoor blijft het boek levendig. Dit is geen keurige anthologie; het is een sprookjesbos waar je soms struikelt, soms verdwaalt, en soms iets bijzonders vindt dat alleen voor jou bedoeld lijkt.

En ja, ik heb natuurlijk weer een dik notitieboek vol aantekeningen gevuld. Velletjes die uitsteken als verwilderde bladwijzers, pijlen, uitroeptekens, krabbels in de marge, twee pagina’s met de titel “WAAROM DIT WERKT” en nog eens vier met “HOE DAN?”. Maar bij het omslaan en terugbladeren slaat uiteindelijk dat typische gevoel toe: nah … dit zijn er echt te veel om allemaal te bespreken. Zelfs voor mij.

Dus: ik beperk me tot mijn eigen favoriete top 20, de verhalen die blijven hangen, die uitnodigen om opnieuw te lezen. Let wel, mijn persoonlijke favorieten. Over smaak valt niet te twisten, hoewel mijn voorliefde voor duisterder werk inmiddels wel bekend moet zijn.

Dus, het werk dat mijn duistere kant het meest kon waarderen:

 

Het zwaard in de steen en andere Venusiaanse sprookjes - Tais Teng & Jaap Boekestein

Briljant, uitbundig en schaamteloos intelligent. Een meta-sprookje dat mythe, SF en satire vervlecht tot een verbluffend geheel. Het overstijgt de bundel en speelt met archetypen alsof ze klei zijn. Een meesterstuk, speels én literair.

Vreugdevuur - Finn Audenaert

Poëtisch, bezwerend en filosofisch. Een scheppingsmythe die zichzelf langzaam ontvouwt als een ritueel. De taal is zacht maar trefzeker, de symboliek gedragen zonder zwaar te worden. Een verhaal dat nasmeult in je hoofd.

Zilvernimf - Bianca Mastenbroek

Een lyrisch, haast muzikaal sprookje vol water, licht en verlangen. De beeldspraak is rijk, de emotionele ondertoon subtiel en precies. Klassiek van snit, modern van kern - een betovering die standhoudt.

De benen bruidsschat - Mike Jansen

Duister, folkloristisch en moreel meedogenloos. Hier wordt het sprookje teruggebracht naar zijn rauwe wortels: schuld, begeerte en de prijs van verlangen. De fysieke symboliek werkt sterk en beklijft lang na het omslaan van de pagina.

Het middelste meisje - Bruno Lowagie

Een scherpzinnige dissectie van het offersprookje en zijn verborgen machtsstructuren. Feministisch zonder preektoon, bitter zonder cynisme. De omkering van verwachtingen is subtiel én noodzakelijk. Een verhaal dat nadenken afdwingt.

De poppenspeler - Bob Faber

Een ongemakkelijke allegorie over controle, schepping en schuld. De toon is strak en beheerst, de symboliek helder zonder oververklaard te worden. Een verhaal dat voelt als een hand die langzaam om je keel sluit - en pas loslaat na de laatste zin.

Het zoete zout der aarde - Soumya Shyam

Warm, ritmisch en geladen met zintuiglijke diepte. Een verhaal dat mythische eenvoud combineert met morele scherpte. Het proeft als een ritueel, zacht van toon maar stevig van bedoeling. Fraaie culturele verankering zonder didactiek.

Brunhilde en Drimmelin - Mike Jansen

Een speelse, licht absurdistische herneming van Noordse motieven. Humor en heimelijke ernst houden elkaar in evenwicht. Onder de joligheid schuilt een verrassend zorgvuldig opgebouwde mythologische structuur. Precies tongue-in-cheek genoeg.

De wolf en de zeven geitjes - Miriam Ootjers

Een donkere, intelligente herlezing van een overbekend sprookje. De morele grijstinten worden effectief uitgespeeld, de dreiging voelbaar gemaakt zonder te overdrijven. Een verhaal dat toont dat hervertellen alleen werkt als je werkelijk iets toevoegt.

Een visioen van gras en bizons - Guido Eekhaut

Droomachtig, melancholisch en ritueel van sfeer. Een verhaal dat je niet leest maar ondergaat: langzaam, meditatief en gevuld met symbolen uit een wereld die al half verdwenen is. Elegante contemplatie, beklemmend in rust.

Muizenstad - Laura Scheepers

Een charmante allegorie die meer diepgang heeft dan de luchtige toon doet vermoeden. De wereld is speels getekend maar raakt aan thema’s van gemeenschap en verantwoordelijkheid. Behendig geschreven, met een lichte melancholie die mooi blijft hangen.

Meester Prikkebeen - Mike Jansen

Een strak verteld moralistisch sprookje met moderne snit. De ritmiek van de taal werkt uitstekend, de thematiek is herkenbaar zonder voorspelbaar te worden. Licht satirisch, maar met voldoende ernst om te blijven resoneren. Knap van toon. Proef ik hier een Boudewijn-liedje? Ja, toch?

De regenboogkoe - Harrie Adema

Warm, vriendelijk en onmiskenbaar folkloristisch. De eenvoud is doelbewust en werkt verrassend goed: het verhaal voelt als een mondeling overgeleverde vertelling. Niet groots, maar oprecht en liefdevol - en dat is soms meer dan genoeg.

De mosselman - Laura Weterings

Sfeervol geschreven met een subtiele ironie die nooit opdringerig wordt. De opbouw is compact maar effectief, het slot mooi ingehouden. Een klein verhaal dat precies weet wat het wil zijn.

De vergeten winkel - Maud Blomme

Een fijnzinnig magisch-realistisch miniatuur. Tijd en herinnering worden verweven met zachte melancholie, zonder te vervallen in sentimentaliteit. De sfeer is het sterkste element: dromerig, licht vervreemdend, en lang naklinkend.

Een heilige nacht - Jeroen de Leeuw

Een ingetogen, bijna plechtige vertelling die religieuze symboliek met menselijke kwetsbaarheid verweeft. De toon is beheerst, het ritme zorgvuldig. Een verhaal dat niet groot hoeft te zijn om gewicht te dragen.

Blanche - Laura Scheepers

Sterk visueel en fraai van toon. De sfeer draagt het verhaal, al blijft de plot voorspelbaar. Toch overtuigt de beeldende kracht en de onderliggende emotie. Een klassiek sprookje in moderne taal, netjes gedoseerd en subtiel melancholisch.

Het meisje dat een mens wou zijn - Ruben De Baerdemaeker

Een existentiële fabel over verlangen, identiteit en verlies. De kern is pakkend en de thematiek universeel. Hoewel het einde misschien te open voelt, blijft de emotionele onderstroom overtuigend. Een verhaal dat meer suggestief dan expliciet werkt.

Tijdloos - Laura Scheepers

Dromerig, licht filosofisch en gedragen door een zachte romantiek. De stijl is vloeiend en de thematiek elegant, al blijft het verhaal iets te vluchtig om werkelijk te beklijven. Wel mooi geschreven en harmonieus van opbouw.

Het meisje en de put - Anna López Dekker

Een symbolische afdaling in het onbewuste, met duidelijke Jungiaanse echo’s. De sfeer is soberder dan de titel suggereert, maar dat werkt. Een stil verhaal over confrontatie en transformatie - en precies krachtig genoeg in zijn eenvoud.

 

Deze bundel is een kloeke, bijna ceremoniële ode aan het sprookje in al zijn gedaanten. Het fysieke formaat - groot, royaal, bijna ouderwets - past perfect bij de inhoud: een rijk, breed bos van meer dan zestig vertellingen waarin de lezer voortdurend van sfeer, stijl en intentie wisselt. Niet alles is even indrukwekkend, en het niveau varieert zichtbaar, maar de hoogtepunten zijn werkelijk hoog: verhalen die mythe, filosofie en emotionele gelaagdheid combineren tot moderne klassiekers. De sterkste auteurs durven het genre te rekken en te heruitvinden, terwijl anderen eerder charmante voetnoten leveren.

Als geheel is dit een bundel die uitnodigt tot bladeren, dwalen en herlezen. Een monumentje voor het verhalende instinct - soms speels, soms donker, soms diepzinnig. Onvolmaakt, maar rijk. En vooral: onwerelds op precies de juiste manier.

 

Petra Swaelmans,
Horror Recensente en Wednesday Look-alike



 

 


Ganymedes 1 - een terugblik

De Ganymedes-reeks ontstond in 1976, in een tijd waarin Nederlandstalige sciencefiction nog geen vanzelfsprekend podium had. Het eerste deel...

Meest bezoch